Eurofins
Zoeken

Om één van onze whitepapers te downloaden vragen wij u om uw e-mailadres op te geven. 

Om één van onze brochures te downloaden vragen wij u om uw e-mailadres op te geven. 

Nieuwe allergenenwetgeving per 1 januari 2026: dit verandert er en zo bereid je je voor

Vanaf 1 januari 2026 veranderen de regels voor het waarschuwen voor allergenen op je etiket. Nu voegen producenten “kan sporen van … bevatten” vaak voor de zekerheid toe, ook wanneer het risico in werkelijkheid klein is. Dat mag straks niet meer: de nieuwe beleidsregel verplicht producenten om allergenenwaarschuwingen alléén te gebruiken als ze aantoonbaar zijn onderbouwd met een risicobeoordeling. De nieuwe regels moeten consumenten helpen om beter in te schatten of een product een risico vormt voor voedselallergie of -overgevoeligheid. Onze labelling-expert Laura Willemsen legt uit wat dit voor jou betekent en hoe je voldoet aan de nieuwe eisen.

Waarom deze wijziging?

“De belangrijkste reden voor de nieuwe wetgeving is dat consumenten met een voedselallergie op dit moment niet volledig kunnen vertrouwen op allergeneninformatie”, vertelt Willemsen. “Waarschuwingen zoals “kan sporen van … bevatten” worden nu vaak uit voorzorg op het etiket gezet. Veel producenten doen dat om zichzelf in te dekken, ook als de kans op kruisbesmetting in werkelijkheid klein is. Daardoor staan dit soort waarschuwingen op heel veel productetiketten. Voor de consument is dat lastig: een waarschuwing zegt nu immers niet automatisch iets over het daadwerkelijke risico. Je weet niet meer of de waarschuwing klopt of niet.“

De nieuwe wetgeving moet deze onzekerheid wegnemen, door duidelijke kaders te geven voor wanneer een waarschuwing wél en niet gebruikt mag worden. De nieuwe regels zijn vastgelegd in de Beleidsregel allergenenetikettering uit voorzorg (VWS, april 2025) en worden ondersteund door de richtlijn Kruisbesmetting allergenen (FNLI, CBL en NVWA, 2024).

Dit verandert er per 1 januari 2026

Twee vaste waarschuwingszinnen

Vanaf 2026 zijn nog slechts twee zinnen toegestaan voor allergenen die onbedoeld in je product kunnen voorkomen (vanuit de PAL: Precautionary Allergen Labelling). Dat zijn:

  1. “Kan … bevatten”
  2. “Niet geschikt voor mensen met een …allergie”

Alle andere varianten verdwijnen. Dus deze varianten mag je niet meer op je etiket zetten:

  • “Kan sporen bevatten van…”
  • “Geproduceerd in een fabriek waar ook … wordt verwerkt”
  • “Kan allergische reacties veroorzaken bij…”

Je mag de waarschuwing bovendien alleen gebruiken als je dit kunt onderbouwen.

Waarschuwingen worden de laatste stap

Willemsen: “De nieuwe regels vereisen dat je eerst alles doet om een allergeen te voorkomen, voordat je tot een waarschuwing op het etiket komt. Een waarschuwing voor een allergeen op je etiket mag je pas gebruiken als:

  • je een volledige risicobeoordeling hebt uitgevoerd, zoals QRA of VITAL;
  • je kunt aantonen dat je alle beheersmaatregelen hebt toegepast om te voorkomen dat allergenen in je product terechtkomen;
  • de berekende blootstelling aan allergenen boven de vastgestelde grenswaarde ligt.

Zonder bewijs mag je geen waarschuwing plaatsen op je etiket, ook niet uit voorzorg”, vertelt Willemsen.

Nieuwe (hogere) referentiewaarden

Op basis van patiëntendata zijn er nieuwe grenswaarden vastgesteld. Willemsen: “Deze zijn in veel gevallen hoger dan voorheen. Dat betekent dat je product meer van een allergeen mag bevatten voordat je een waarschuwing op je etiket moet plaatsen. Zo gaat de grenswaarde van hazelnoot bijvoorbeeld van 0,01 mg/kg naar 3 mg/kg en bij ei gaat de grenswaarde van 0,0045 mg/kg naar 2 mg/kg.”

“De nieuwe normen zijn gebaseerd op de ED05-benadering: een wetenschappelijke methode die berekent hoeveel allergeen nodig is voordat maximaal 5% van de allergische populatie milde klachten krijgt. De wetgeving volgt deze wetenschappelijk onderbouwde risicobenadering.”

Wat betekent dit voor jouw etiket?

“De nieuwe regels hebben best veel impact. Veel etiketten moeten worden herzien. Bestaande verpakkingen hoef je niet te wijzigen. De nieuwe regels gelden voor producten die vanaf 1 januari worden geproduceerd. Producten die vóór 1 januari 2026 zijn geproduceerd, hoeven dus niet te worden teruggeroepen. Toch is het verstandig om etikettenvoorraden af te bouwen en je nieuwe verpakkingen klaar te hebben vóór januari. Rond je risicoanalyses uiterlijk dit jaar af”, tipt Willemsen.

Wat betekent dit voor je productieproces?

“De grootste wijziging zit niet op het etiket, maar in de fabriek. De kernvraag wordt: heb je álles gedaan om allergenen te voorkomen?” Waar moet je dan precies mee aan de slag? Onze tips op een rij:

  • Schoonmaakplan. Zorg voor een gevalideerd en verifieerbaar schoonmaakproces tussen productruns. De effectiviteit moet aantoonbaar zijn (bij voorkeur via ATP, swabs of allergeenspecifieke validaties). Als effectieve verwijdering van allergenen niet kan worden bevestigd, kan een PAL-waarschuwing onvermijdelijk zijn.
  • Productievolgorde (runvolgorde). Plan productie van allergeenvrije naar allergeenhoudende producten, tenzij proces- of veiligheidseisen dit onmogelijk maken. Een juiste runvolgorde minimaliseert kruiscontaminatie.
  • Fysieke scheiding. Overweeg fysieke scheiding in ruimtes, zones of apparatuur voor specifieke allergenen. Dit omvat ook gescheiden opslag, kleurcodering en materiaalbeheer.
  • Looproutes & logistiek. Beheer personeels- en grondstofstromen om versleping van allergenen te voorkomen. Denk aan specifieke looproutes, duidelijke kleding-/gereedschapsprotocollen en gecontroleerde transportbewegingen.
  • Leveranciersinformatie. Vraag volledige, actuele specificaties op van alle grondstoffen en halffabricaten. Onvolledige informatie betekent dat je een risico-analyse niet kunt voltooien. Zonder relevante data kun je de PAL niet onderbouwen, wat een compliance-risico vormt bij NVWA-inspecties.
  • Training van personeel. Zorg dat alle medewerkers de nieuwe werkwijze, runvolgorde, schoonmaakvereisten, allergenenrisico’s en communicatielijnen kennen en correct toepassen. Bewustwording is cruciaal binnen de PAL-richtlijn.
  • Documentatie & borging. Actualiseer HACCP, GIRA, allergenenmatrix (met nieuwe ED05-referentiewaarden), werkinstructies, leveranciersbeoordelingen en schoonmaakvalidaties. Werk daarnaast de productierunplanning en interne controles bij. Zorg dat risicobeoordelingen per product volledig en traceerbaar zijn.

We krijgen regelmatig de vraag: “Kan ik niet gewoon een analyse doen om te kijken of er allergenen voorkomen in mijn product?” Willemsen: “Analyses kunnen nuttig zijn als steekproef of verificatie, maar een labtest alléén is niet voldoende om een PAL-waarschuwing op je etiket te onderbouwen. Sporen kunnen willekeurig voorkomen: bij 30 negatieve testen kan de 31e alsnog positief zijn. De wettelijke basis is altijd de risicoanalyse, waarbij je uitgaat van het worst case scenario.”

Meer weten?

Wil je zeker weten dat je etiketten, risicoanalyses of allergenenmanagement voldoen aan de nieuwe eisen? De specialisten van Eurofins Food Safety Solutions helpen je graag verder. Wij kunnen je ondersteunen bij een labelcheck en allergenenbeheer of de VITAL-risicobeoordeling voor je uitvoeren. Neem contact op met onze experts voor advies op maat of ondersteuning in jouw proces. Bel ons via +31(0)888 31 03 30 of stuur ons een e-mail via foodsafetysolutions@ftbnl.eurofins.com.